Zingt Jack Johnson vanmorgen in mijn oor: "Ain't no need to go outside". Nou, ik dacht het wel!
Tsss.
dinsdag 20 april 2010
vrijdag 9 april 2010
Pas op! Droomgevaar!
Dromen en fantaseren is heel gevaarlijk. Dat lijkt op het eerste gezicht niet zo. Daarom is het ook zo verraderlijk. Het is heel makkelijk. Je hoeft jezelf alleen maar de vrije hand te geven om te bedenken wat je wilt. En dan ook echt wat je maar wilt. Het is toch niet echt.
Het kan van alles zijn. Een relatie, een baan, een huis, een leven. Na verloop van tijd heb je dan wel zo ongeveer een beeld van hoe dat er dan uit zou moeten zien. Daar kun je lekker lang over doen. Steeds verzin je weer iets nieuws, of je stelt het beeld bij op basis van goede of slechte ervaringen. Je kunt je droom heel lang bewaren, het blijft jaren goed. Af en toe haal je hem weer even tevoorschijn, stoft het een beetje af en kijkt er nog eens goed naar. Ja, dat zou fijn zijn. Als dat zo was. Met een glimlach stop je hem weer terug op zijn plek. Ergens diep van binnen. Daar waar het veilig kan zitten en zich verder niet met je leven bemoeit.
Totdat het moment zich opeens aandient dat het zo ver is. Je schrikt je wezenloos. Daar had je niet op gerekend! Daar is opeens die man! Precies zoals je had bedacht. Hoe kan dat nou? Hoe wisten ze dat? Dat ik dat wilde?
En daar opeens dat huis. Ja, maar wacht even. Moet dat nu? Ik ken die man nog maar net. We zijn nog niet zo ver. En hoe moet dat? Het is geen paar sokken van de Hema.
Daar moet je goed en diep over nadenken. Uitzoeken. Wikken. Rekenen. Overleggen. Wegen. En beslissen.
Potverdikkie, nu wordt het opeens lastig. Dit was nou ook weer niet de bedoeling. Wat denkt die droom wel niet! Ik moet op vakantie deze zomer, en boodschappen doen zometeen en televisie kijken straks. Dan kan ik me toch helemaal niet gaan bezighouden met dromen die opeens uitkomen!
Ik kijk wel link uit voordat ik weer eens iets bedenk. Voor je het weet is het opeens echt waar. En of ik daar op zit te wachten....
Het kan van alles zijn. Een relatie, een baan, een huis, een leven. Na verloop van tijd heb je dan wel zo ongeveer een beeld van hoe dat er dan uit zou moeten zien. Daar kun je lekker lang over doen. Steeds verzin je weer iets nieuws, of je stelt het beeld bij op basis van goede of slechte ervaringen. Je kunt je droom heel lang bewaren, het blijft jaren goed. Af en toe haal je hem weer even tevoorschijn, stoft het een beetje af en kijkt er nog eens goed naar. Ja, dat zou fijn zijn. Als dat zo was. Met een glimlach stop je hem weer terug op zijn plek. Ergens diep van binnen. Daar waar het veilig kan zitten en zich verder niet met je leven bemoeit.
Totdat het moment zich opeens aandient dat het zo ver is. Je schrikt je wezenloos. Daar had je niet op gerekend! Daar is opeens die man! Precies zoals je had bedacht. Hoe kan dat nou? Hoe wisten ze dat? Dat ik dat wilde?
En daar opeens dat huis. Ja, maar wacht even. Moet dat nu? Ik ken die man nog maar net. We zijn nog niet zo ver. En hoe moet dat? Het is geen paar sokken van de Hema.
Daar moet je goed en diep over nadenken. Uitzoeken. Wikken. Rekenen. Overleggen. Wegen. En beslissen.
Potverdikkie, nu wordt het opeens lastig. Dit was nou ook weer niet de bedoeling. Wat denkt die droom wel niet! Ik moet op vakantie deze zomer, en boodschappen doen zometeen en televisie kijken straks. Dan kan ik me toch helemaal niet gaan bezighouden met dromen die opeens uitkomen!
Ik kijk wel link uit voordat ik weer eens iets bedenk. Voor je het weet is het opeens echt waar. En of ik daar op zit te wachten....
donderdag 1 april 2010
Terug
Nee, dit is geen grap. Ik ben het echt. In de maand maart ben ik blijven hangen in de jaren zeventig met dat blitse jasje en toen daar ook nog eens de zomertijd overheen kwam, heb ik met dat uur vooruit gewoon de hele maand overgeslagen. Daar in de jaren zeventig zijn mooie dingen gemaakt. Ikzelf bijvoorbeeld, haha!
Vriend E. bleek een dingetje te hebben waarmee hij langspeelplaten (Ja, echte LP's. Talk about old skool!) over kan zetten in digitale bestanden. Dat liet ik mij geen twee keer zeggen en bracht hem onmiddellijk mijn plaat van Alfred J. Kwak uit 1978. Die plaat heb ik grijsgedraaid. Steeds opnieuw. En nu herinner ik mij weer wat een werk dat was, LP's draaien. Dat was nog niet zo makkelijk! Voorzichtig haalde je de schijf uit de hoes en legde hem op de draaitafel. Knopje aan, draaien. Dan eerst met een borsteltje het stof eraf vegen. Wederom voorzichtig, niet te hard duwen. Dan met je tong half uit je mond de naald precies op dat ene randje leggen. Niet ernaast! Niet laten vallen! Voorzichtig leggen. Dan kon je even gaan zitten luisteren. Dansen kon niet, want dan sloeg hij over.
Totdat de eerste kant afgelopen was. Opstaan. Naar de platenspeler lopen. Klep open. Naald omhoog (voorzichtig!! Niet heen en weer laten krassen.) Plaat eraf halen, omdraaien, er weer opleggen en de hele riedel van daarnet opnieuw. Tijdens het luisteren naar de tweede kant kon je bijkomen van de stress.
Nu was de lol bij Alfred dat aan het einde van de eerste kant Herman van Veen vertelde: "..en Alfred klopte driemaal zachtjes op de deur." Einde kant 1. Opstaan, lopen, omdraaien, aanzetten, teruglopen, gaan zitten. En dan hoorde je: "BOEM BOEM BOEM!!!". Ik lachen. Elke keer maar weer. En dat kan niet met een cd.
Mijn moeder kwam vervolgens aanzetten met Hair, en dat is nog verder terug, dus als u mij weer kwijt bent weet u waar ik ben......in the dawning of the age of Aquarius.
Vriend E. bleek een dingetje te hebben waarmee hij langspeelplaten (Ja, echte LP's. Talk about old skool!) over kan zetten in digitale bestanden. Dat liet ik mij geen twee keer zeggen en bracht hem onmiddellijk mijn plaat van Alfred J. Kwak uit 1978. Die plaat heb ik grijsgedraaid. Steeds opnieuw. En nu herinner ik mij weer wat een werk dat was, LP's draaien. Dat was nog niet zo makkelijk! Voorzichtig haalde je de schijf uit de hoes en legde hem op de draaitafel. Knopje aan, draaien. Dan eerst met een borsteltje het stof eraf vegen. Wederom voorzichtig, niet te hard duwen. Dan met je tong half uit je mond de naald precies op dat ene randje leggen. Niet ernaast! Niet laten vallen! Voorzichtig leggen. Dan kon je even gaan zitten luisteren. Dansen kon niet, want dan sloeg hij over.
Totdat de eerste kant afgelopen was. Opstaan. Naar de platenspeler lopen. Klep open. Naald omhoog (voorzichtig!! Niet heen en weer laten krassen.) Plaat eraf halen, omdraaien, er weer opleggen en de hele riedel van daarnet opnieuw. Tijdens het luisteren naar de tweede kant kon je bijkomen van de stress.
Nu was de lol bij Alfred dat aan het einde van de eerste kant Herman van Veen vertelde: "..en Alfred klopte driemaal zachtjes op de deur." Einde kant 1. Opstaan, lopen, omdraaien, aanzetten, teruglopen, gaan zitten. En dan hoorde je: "BOEM BOEM BOEM!!!". Ik lachen. Elke keer maar weer. En dat kan niet met een cd.
Mijn moeder kwam vervolgens aanzetten met Hair, en dat is nog verder terug, dus als u mij weer kwijt bent weet u waar ik ben......in the dawning of the age of Aquarius.
donderdag 25 februari 2010
Zoldershoppen
Zo vind je nog eens wat!
Op zolder.
Een oud trainingsjekkie van mijn vader.
Van vroeger.
Trainingsjekkie. Zo heette dat toen nog.
Nu heet dat echte originele retro vintage.
(of ik de broek er ook bij wilde..)
Nee bedankt, dat is té retro.
Maar wat istie vet! Wat istie kek!
dinsdag 23 februari 2010
Maz ziet het verband zelf ook niet zo
Ik dacht aan vriendin C. die vandaag jarig is. Prompt kreeg ik het volgende liedje in mijn hoofd. Waarom weet ik niet. Misschien dacht ik aan een verjaardagsliedje van de Muppets, maar zat deze in de weg. Ik zal hem zelf in ieder geval de hele dag horen.
Van harte, C. En voorzichtig met die deck chair...
zaterdag 20 februari 2010
Maz zwaait de winter uit
Dag sneeuw!
Dag ijs!
Dag gladde stoepen!
Dag vrieskou!
Dag loopneus!
Dag statisch mutshaar!
Dag strooizoutkringen op mijn laarzen!
Dag vastgevroren fietsketting!
Tot volgend jaar!
Dag ijs!
Dag gladde stoepen!
Dag vrieskou!
Dag loopneus!
Dag statisch mutshaar!
Dag strooizoutkringen op mijn laarzen!
Dag vastgevroren fietsketting!
Tot volgend jaar!
vrijdag 19 februari 2010
Ding Dang Dong
Hij schoot zomaar ineens van links dwars over het kruispunt. Fietste alsof zijn leven er van af hing. Met zijn korte beentjes op zijn kleine fietsje. Zo hard dat zijn lijfje heen en weer schudde bij elke trap. Ik keek naar waar hij vandaan kwam. Niks. Ik keek nog eens. Weer niks. Ik maakte me ongerust. Zo'n klein jongetje. Hoogstens zeven jaar oud en dan nog klein voor zijn leeftijd, op een heel klein kinderfietsje. Met een rugzakje op zijn rug. Helemaal in zijn eentje. Waar was zijn moeder? Zijn vader? Hij heeft vast geen broers of zussen, dacht ik meteen. Het was namelijk een Aziatisch jongetje. Chinees, dacht ik, en die mogen er maar één.
Inmiddels fietste hij al honderden meters lang voor mij. Hij hield ons volwassenen heel goed bij, heen en weer schuddend, verwoed trappend. Waar kwam hij vandaan? Van school? Waar ging hij heen? Naar huis? Ik besloot ongemerkt een beetje op hem te passen. Ik was er toch en we gingen nog steeds dezelfde kant op. Zo'n klein jochie alleen door het centrum van zo'n drukke stad. Ik zou wel op hem letten, zorgen dat er niks gebeurde. Ik begon heel zachtjes te zingen.
Kleine Chineesje ching chang chong
Kleine Chineesje ching chang chong
Waar ga je naartoe met je ding dang dong?
Ik ga spelen
Hele mooie wijsjes
Op mijn xylofoontje
Ding dang dong
Opeens ging hij rechtdoor en ik rechtsaf. Pas goed op, kleine Chineesje, dacht ik nog. Goed uitkijken. Met je xylofoontje. De rest van mijn weg naar huis gonste het nog na.
Opeens ging hij rechtdoor en ik rechtsaf. Pas goed op, kleine Chineesje, dacht ik nog. Goed uitkijken. Met je xylofoontje. De rest van mijn weg naar huis gonste het nog na.
Ding dang dong
Ding dang dong
Ding dang dong
Abonneren op:
Posts (Atom)
